23-02-12

Abuso di minori: Palaizzo reale belga

 

Palaizzo reale belga.jpgSono due anni che noi abbiamo scritto al Palazzo reale e di nuovo scriviamo. Noi chiediamo dove si trova la copia del cd-rom(s) della rete pedocriminale di Zandvoort che il Werkgroep Morkhoven ha inviato nel 1998 al re. Dopo 4 mesi il  Palazzo reale ci inviava una risposta ridicola. Era talmente chiaro che non c'era nessun interesse per questo caso. 
 

Qualche anno fa il Palazzo reale ci ha risposto che il cd-rom era stato inviato al ministro della giustizia Tony Van Parys (CD&V-Democratici cristiani fiamminghi) che asseriva di averlo inviato al Procuratore-Generale. Ma perchè questo cd-rom sembra essere sparito per sempre e perchè di lanciava una campagna dei media contro Marcel Vervloesem  e perchè per 14 anni senza dire una parola del cd-rom Zandvoort che era stato inviato al Palazzo reale e che sembra scomparso nella nebbia  e per sempre ?

 

01:53 Gepost door onderzoeker in Abuso di minori, Palaizzo reale belga | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

17-02-12

Justitie: Minister Turtelboom en de 'hervorming van Justitie'...

532979_belgium-s-queen-paola-king-albert-ii-and-interior-minister-turtelboom-watch-the-traditional-military-parade-on-national-day-in-front-of-the-royal-palace-in-brussels.jpg'Als iedereen zich verantwoordelijk voelt voor het globale imago van justitie, dan gaan we allemaal vooruit.'

30 januari 2012

Toespraak Orde Vlaamse balies: ‘The)buck)stops)here’

Mijnheer de stafhouder en voorzitter, Geacht publiek

Laat mij U eerst bedanken voor de uitnodiging om hier te mogen spreken. Als economiste … Als de tweede vrouw ooit op dit departement. Voor een publiek van Vlaamse advocaten waarvan inmiddels ruim 40 % vrouw is. Ik heb me, als economiste, destijds in het parlement toegelegd op praktische verwezenlijkingen: de arbeidsmarkt, het pensioendossier. Daarna, als minister, op to-do-departementen, met altijd een sterke connotatie naar veiligheid toe. We hebben mekaar trouwens ooit al formeel ontmoet, de Orde en ik. Drie jaar geleden, toen ik Migratie beheerde … Even speelde ik met de prikkelende gedachte om even na te gaan wie er, vanuit de optiek van vandaag, toen gelijk had. Maar,zoals de Amerikanen zeggen: let bygones be bygones… En laten we vooruitkijken. Want daar ligt meer dan voldoende werk op de plank ! Migratie was een fascinerende uitdaging. Een absoluut wereldprobleem kanaliseren in een klein land. In een toen nog zeer gepolariseerde sfeer. De visie die ik toen ontwikkeld heb is vandaag regeringsbeleid. Binnenlandse Zaken was het departement van Veiligheid. Veel meer management dan wetgeving. Bijspringen en present zijn in alle noodsituaties. In Brussel de nultolerantie opleggen toen het moest, de brandweer hervormen om ze beter te wapenen tegen de moderne uitdagingen en de politie na tien jaar evalueren, om de hervorming van toen bij te sturen … De resultaten daarvan zijn in uitvoering. Op justitie vind ik het einde van de keten van de veiligheid terug. Vooral dan de strafuitvoering, waarvan ik de problemen stroomopwaarts al heb mogen ervaren. Maar ook een grote managementsuitdaging om de rechtszekerheid en de rechtsstaat te versterken. Dat kan door justitie efficiënter te maken en het vertrouwen te herstellen Ik denk vooral praktisch. Ik stel me na acht weken dus niet meer de vraag waarom we justitie moeten hervormen. Ik stel me zelfs niet meer de vraag waarom het zo lang geduurd heeft … Ik stel me enkel nog de vraag wanneer ik ermee naar buiten kom. U hebt het lijstje opgesomd van de drie punten die het hoogst op mijn agenda staan: 1. 1. De hertekening van het gerechtelijk landschap De hertekening van het gerechtelijk landschap hoef ik u niet uit te leggen. Ik dank de Orde van Vlaamse advocaten voor haar heldere standpunten op dat vlak. Maar het regeerakkoord is ook duidelijk. U weet dat onze provincies gecreëerd zijn ten tijde van de Franse Revolutie, als départements, en dat de Revolutie de départements uittekende op basis van één expliciete ambitie: de hoofdplaats van elk département moest voor elke burger in elke plaats van het territorium binnen één dag te paard bereikbaar zijn. Dat was 220 jaar geleden … Nu geef ik toe dat zeker in Vlaanderen, dat al twintig jaar autonoom bevoegd is voor mobiliteit, de mogelijkheid tot verplaatsing - laat mij het diplomatisch uitdrukken - een zekere regressieve curve vertoont … Maar ook dan kan je in de meeste gerechtelijke arrondissementen nog altijd te paard heen en terug naar de rechtbank binnen één en dezelfde dag. We moeten dus naar een vermindering van het aantal gerechtelijke arrondissementen tot – ik citeer het regeerakkoord – ‘ten minste de helft’van de 27 huidige . Als U weet dat we tien provincies hebben, en Brussel willen opsplitsen … dan gaan we dicht bij een heenrit te paard per dag uitkomen. Maar uiteraard gaan we de hervorming objectiveren. We zullen criteria hanteren, zoals aantal dossiers, afstand tot de rechtbank,bevolkingsdichtheid, gevolgen op de rechtsbedeling. We gaan daar een goed evenwicht in zoeken. En de ultieme maatstaf is de logica zelve: een betere rechtsbedeling voor de rechtzoekende burger. Niet minder,niet meer ! Belangrijker nog is wat we binnen die nieuwe rechtsgebieden gaan doen. We moeten voor elk ervan een organisatiemodel creëren voor het beheer van de budgetten, voor het personeel en de materiële middelen, voor de organisatie van de expertise. Daarvoor gaan we een voltijds beheerder aanduiden, die een magistraat kan zijn, maar niet hoeft te zijn. Hij zal werken met een beheerscollege, samengesteld uit de voorzitters van de rechtbanken, en er zelf ook in zetelen. Dat college zal een beheersovereenkomst afsluiten met de overheid, met duidelijke, operationele doelstellingen waaraan werkingskredieten zijn verbonden. Een analoge structuur moeten we overigens creëren op het niveau van de vijf parketten en hoven van beroep.

Een essentieel element wordt de mobiliteit van het personeel en van de magistraten. De magistraten zullen voortaan systematisch per rechtsgebied worden benoemd en kunnen dus over het hele rechtsgebied worden ingezet, naargelang de noden. Dat zou voor gevolg moeten hebben dat ze meer inzetbaar zijn, maar ook dat specialisaties meer kunnen worden doorgetrokken. De maatstaf hier is ook logisch: een betere service aan het publiek. De kwestie van locaties van gerechtsgebouwen is zo te herleiden tot  twee vragen, die in zekere zin zelfs ecologisch zijn.  Hoeveel verplaatsingen heb je nodig om een rechtbank naar de burger te laten gaan? Hoeveel verplaatsingen om de burgers naar de rechtbank te laten gaan?  En laten we dan meteen ook wat doen, zoals U al herhaaldelijk al hebt bepleit meester Boydens, aan die verouderde traditie om iedereen omstreeks 9 uur samen te brengen, doorheen de ochtendspits om dan uren zijn beurt te laten afwachten.

Dat is het grote schema, waarvoor ik direct in de Kerstvakantie de opdracht heb gegeven het uit te werken. We hebben twee jaar, dus denk ik niet dat we nog eens veel nieuwe plannen en nieuwe adviesrondes nodig hebben. We zullen het moeten doen !

Ik wil ook kort ingaan op de twee andere prioriteiten.

1. 2. De strafuitvoering

Inzake strafuitvoering wil ik niet rond de pot draaien, er zijn twee uitdagingen. De ene is een kwantitatieve, de andere een kwalitatieve.  We hebben meer gevangeniscapaciteit nodig, dat is één. De tweede uitdaging is kwalitatief. Hoe kunnen we een gevangenisbeleid ontwikkelen waarin de gedetineerde duidelijk het besef meekrijgt dat hij gestraft werd, maar ook de cel verlaat met een veel grotere kans om terug een normaal leven te beginnen. Dat wordt ook een kwestie van goed beheren, elke opportuniteit aangrijpen, zien wat we kunnen wijzigen, onder meer, zoals ook het regeerakkoord aankondigt, in de voorlopige hechtenis. Het zal er op aankomen een dynamiek op gang te brengen die ervoor zorgt dat je beter uit de gevangenis komt dan dat je erin ging. Eens we dat punt bereiken is er veel mogelijk. Maar het zal, naar het woord van Ernest Rénan, un plébiscite de tous les jours vergen.   En laat me duidelijk zijn: er wordt niet bespaard op justitie !  Ik heb zelf het zinnetje in het regeerakkoord laten schrijven dat – en ik citeer opnieuw – ‘justitie niet zal bijdragen aan de begrotingssanering’

1. 3. ICT

Ten derde is er de ICT-problematiek. Ik ben inmiddels doorheen de fase van de inventaris van alle sterke verhalen. Mijn indruk is alvast dat men een doorsteek door een hooggebergte heeft willen maken, door alle bergen in één keer te willen verplaatsen. Na eerst zorgvuldig een beschrijving te hebben gemaakt van elk ervan, om ze achteraf op de juiste plaats terug te kunnen zetten … Ik denk, dat we nu echter tunnels moeten boren.   De ICT-modernisering op justitie is tot op heden onvoldoende gelukt vanwege een immense scepsis en pleinvrees over de potentiële gevolgen. Ik denk dat we nu moeten vertrekken van de opportuniteiten van ICT en die inpassen in betere service voor de rechtshorigen en een betere organisatie van justitie. Laten we prioriteiten stellen, laten we beginnen waar we kunnen, maar laten we vooral vooruitgaan.

1. 4. De gedeeltelijke splitsing van het gerechtelijk arrondissement Brussel.                                                   Het regeerakkoord bevat ook een uitgebreid hoofdstuk over de gedeeltelijke splitsing van het gerechtelijk arrondissement Brussel. Na veertig jaar discussie gaan we daar eindelijk toe over. Er is een akkoord, en dat gaan we integraal uitvoeren. En waarvan ik vooral hoop dat dit akkoord het wederzijds communautair vertrouwen zal creëren zodat we de komende jaren de veiligheid en de rechtszekerheid in Brussel en Halle-Vilvoorde verder kunnen uitbouwen en versterken.

Dames en heren

Dit is mijn verhaal wat de structuren betreft. Die zijn belangrijk en vergen, zoals U weet, talloze wetswijzigingen. Maar ik hecht evenveel belang aan drie houdingen die de vertaling zijn van de manier waarop we samen, als justitie, willen functioneren en naar buiten treden.

De eerste is verantwoordelijkheid.  De voorbije weken ben ik als minister van justitie aangesproken als verantwoordelijke voor het toiletpapier in het gerechtsgebouw van Brugge … Voor een tekort aan enveloppen bij het Brussels gerecht … voor een wijziging aan de mobiliteitsvergoeding van een ambtenaar van de FOD die van buslijn was veranderd… voor de menuvariatie in de gevangenis van Vorst…   Ik heb voor al die problemen een eenvoudige oplossing: laat diegenen beslissen, die daarover kunnen beslissen … omdat ze het dossier kennen, omdat ze er nabij staan, omdat ze dat al eerder hebben gedaan. Of gewoon: omdat zij er eigenlijk verantwoordelijk voor zouden moeten zijn.  Ik heb, tot mijn vreugde, al herhaaldelijk vastgesteld dat de meeste mensen met grote gretigheid die verantwoordelijkheid opnemen. Dus dat gaan we doen: Responsabiliseren, responsabiliseren, responsabiliseren … Beslissingen leggen bij die mensen die er ook over willen beslissen.

De tweede houding gaat over communicatie.  Justitie is een groot huis, een fenomenaal groot huis. Met ruim 25.000 medewerkers. En dan spreek ik nog niet over de vele 1000-den advocaten. Nu had men mij gezegd: nergens zijn er zoveel mensen die zoveel verschillende meningen hebben en die mening allemaal publiek willen maken. Welnu, ik wil vooral benadrukken wat ik de voorbije weken al gezien heb … heel veel degelijke en verstandige mensen, veel vernieuwingen en veranderingen, goede ideeën, sterke voorstellen, een gedrevenheid om nog beter te doen. En dan denk ik: laten we daar mee naar buiten komen, laten we ook en vooral zeggen wat justitie goed doet.   Als iedereen zich verantwoordelijk voelt voor het globale imago van justitie, dan gaan we allemaal vooruit.

Ten derde denk ik dat we moeten leren onze tijd, onze middelen, onze mankracht, onze ambities en onze procedures op één lijn te krijgen.   Ik kijk, als economiste, met veel respect naar justitie als de arena van de argumentatie. Ik ontmoet elke dag weer bijzonder briljante mensen.  Een veelheid en grote variatie van vaak zeer gefundeerde meningen, opinies en voorstellen. De kwaliteit binnen dit huis verbaast me telkens weer. Welnu laten we die kwaliteit ook operationeel maken.  Justitie moet de intellectuele thuishaven van de briljante redenering zijn en blijven. Maar justitie moet ook operationeel zijn, naar de mensen toe. De twee zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. We moeten leren dat vele verstand en die vele ideeën tot verwezenlijkingen te maken die de mensen buiten doen inzien dat dit inderdaad een huis is waar je je vertrouwen in kan stellen.

Dames en heren   Harold McMillan was in Groot-Brittannië eerste minister tussen 1956 en 1963. U kent hem ongetwijfeld van de uitdrukking ‘the winds of change’ en andere inmiddels beroemde quotes. Aan het einde van zijn termijn vroeg een journalist wat hij als zijn belangrijkste verwezenlijking beschouwde…  En McMillan antwoordde ‘Events, my dear, just events’.   Laat ons deze fataliteit niet aanvaarden op justitie. Laat ons hervormen zodat er minder incidenten zijn in de toekomst. De modernisering van justitie zal er komen. Via trial en error. Via protesten en nieuwe inzichten. Via fouten en correcties...   Ze moet er komen, en ze zal er komen… Ik weet dat ik hier, bij de Orde van de Vlaams Balies, een sterk vragende partij vind voor die modernisering. Dat de meeste advocaten een diepgaande hervorming van justitie wensen. Dat siert U ! Een moderne en efficiëntere justitie maakt het immers vooral mogelijk het ontzettend potentieel aan rechtsnoden aan te boren dat daarbuiten bestaat. En dat veelal onaangeroerd blijft 

Ik heb u veel verteld over responsabiliseren, decentraliseren en delegeren van taken. Veranderingen die in dit huis absoluut onontbeerlijk zijn. Maar zoals Harry Truman zeg ik over de eindverantwoordelijkheid: the buck stops here.

U kan er op rekenen dat ik niet stil zal zitten, dat ik vooruit wil gaan. Twee jaar is een te korte periode om alles te veranderen. Twee jaar is een lange periode om veel onomkeerbare dingen te starten.

Ik ben er zeker van dat ik daarbij volop op Uw steun zal kunnen rekenen

Ik dank U.

-----

Foto: Belgische Nationale Feestdag - 21 juli 2010 - Koning Albert II, Koningin Paola en justitieminister Annemie Turtelboom die toen nog minister van binnenlandse zaken was.     

De Werkgroep Morkhoven maakte destijds een kopie van de cd-rom(s) van de kinderpornozaak Zandvoort aan het Belgische Koningshuis over. Die liet het materiaal door de toenmalige justitieminister Tony Van Parys (CD&V-ChristenDemocraten) aan de Justitie overmaken waar het een paar jaar geleden verdwenen bleek te zijn.   De Werkgroep Morkhoven contacteerde het Koningshuis en kreeg na enkele maanden een nietszeggend antwoord.